Austin 2007 nr. 4
| 09-07-2007
Ik heb even geslapen en nog wat gelezen in To live's to fly, de biografie over Townes van Zandt. Prachtboek! Heb nagedacht over de kado's die ik kreeg van Craig en Kenny. Het heeft me behoorlijk geraakt merk ik. Ik heb moeite met mijn eigen gevoel. Hoevaak heb ik niet gehoord dat Amerikanen oppervlakkig zijn, niet echt invoelend, zakelijk en na een vluchtige begroeting afstandelijk. Ik heb nu al zovaak ervaren dat het anders is; ik ontmoet steeds mensen die open zijn, hartelijk, die met je willen delen, behulpzaam zijn en informeren naar mijn familie. Na optredens krijg ik steevast veel reacties, spontaan over wat ze voelen, emoties tonen ze, ik zie mensen huilen en daar schamen ze zich niet voor. Mijn conclusie is dat deze blanke Amerikanen, democraat of republikein, niet veel anders zijn dan ik. Spontaner en directer en met minstens zoveel respect als in Nederland doorgaans ervaar bij optredens. Mijn conclusie is dat ik van alle menselijke warmte om me heen moet genieten. Vanavond mag ik twee liedjes spelen. Ik ga Bluebonnet Blues en The last to stand doen. De zaal is goed gevuld en ik besluit achterin in de zaal te wachten tot ik aan de beurt ben. Het is donker en achterin staat een volgspot. Links en rechts naast het podium staan spots in helder geel en oranje opgesteld. Het oogt wel mooi. Achterop het podium hangt een zeer grote foto van Mickey. De geluidsinstallatie is het allernieuwste Bose syteem, zonder monitors, een paar smalle staande buizen en een paar bassboxen, da's alles. Het zal wennen zijn, maar in de zaal klinkt het goed. Ik ben aan de beurt en wordt professioneel aangekondigd. Dan loop ik het podium op en krijg veel applaus. Ik zie niemand in de zaal, maar weet dat Mamie en Pete recht voor me zitten. The Last to Stand; ik begin en er wordt veel geflitst in de zaal. Het gaat goed en ik zit lekker in het lied. Luid applaus. Ik besluit tot een lange introductie en zeg dat ik veel te danken heb aan Mickey en dat ik de cd aan hem heb opgedragen. Daarom geef ik het eerste Amerikaanse exemplaar aan zijn moeder Mamie. Ik loop het podium af en naar haar toe. Ze staat op en we omhelzen elkaar. Ze houdt me lang vast, langer dan normaal, ook Pete staat op en we omhelzen elkaar wat onhandig. Weer op het podium begin ik te vertellen over Bluebonnet Blues, hoe Susie me meenam en vertelde over de Bluebonnets, waar Mickey zo van hield. Ik zet Bluebonnet Blues in en zing het als in een trance. Na afloop houdt het applaus maar aan. Ik merk nauwelijks dat mensen gaan staan te applaudiseren. Dan wordt er geroepen om nog een lied. Larry Book die het podiumprogramma coordineert, stelt voor dat ik nog een doe. Het is een uitzondering, niemand doet een extra lied. Ik twijfel en ben er niet op voorbereid. Er wordt geroepen om Colors of October, Jennie en The Frontporch Song. Ik probeer me de woorden van het laatste lied te herinneren en besluit dat te gaan doen. Halverwege het eerste couplet merk ik dat ik de tekst niet meer zeker weet. Ik breek het lied af en zeg dat het niet gaat. Applaus en ik beloof het ergens anders na de show te zingen. Pfff...Ik bedank iedereen en loop het podium af. Twee mooie blonde dames spreken me aan en zeggen dat ze mijn liedjes en het optreden erg mooi vonden. Ik bedank hun voor de complimenten en loop verder. Anderen komen naar me toe, artiesten en publiek. Roy Stamps vraagt of ik weet wie die twee blonde dames zijn. Nee...dat weet ik niet; Connie & Paula Nelson zegt hij, de ex van Willie met dochter. Ooh, dus!... hahaha. Ik had geen idee! Het programma gaat door en ik besluit er even uit te lopen en de gitaar naar mijn kamer te brengen. In de hal wordt ik weer aangesproken door mensen die me complimenteren. Dorothy vraagt mij even te wachten en ze komt terug met iets in haar hand. Ze zegt dat ze me graag iets wil geven als dank voor mijn optreden. Het is een steen van een akker uit Texas. Ze kreeg toestemming van de boer om stenen op zijn land te zoeken. Deze steen is miljoenen jaren oud zegt ze, er zitten fossiele vormen in en er loopt een kwartsader door. Aan de ene kant is de steen beschilderd. Een vriendin van haar is schilder en heeft er Bluebonnets opgeschilderd en een Armadillo. Twee symbolen van Texas. Ik neem het dankbaar aan. Weer zo'n moment van warmte. Het is een lange dag geweest en na de show om elf uur zit ik met een aantal zangers met gitaren in een ruimte en we spelen liedjes. Er is publiek bij komen zitten. Doug Lang vraagt of ik wil zingen. Hij geeft mij zijn gitaar en ik besluit tot The Blue Bell Blues. Het lied heb ik geschreven voor Larry Larry die verslaafd is aan Blue Bell Ice Cream. Het is een lekkere blues en het refrein wordt regel voor regel meegebruld. Hilariteit alom en Larry bedankt mij geemotioneerd voor deze ode. Het was een lange dag. Bij Philip en Frans op de kamer drinken we nog een biertje en dan ga ik slapen. Morgen weer verder...